21.03.2009

BIS - All Things Must Come To An End. Als d'r dan maar wel met de glazen gesmeten wordt! Afgelopen vrijdag om 16:00 nam Rense Sinkgraven in de Openbare Bibliotheek afscheid als stadsdichter van Groningen. Hij onthulde daarbij zijn eigen portret en bevestigde het aan de muur bij de Stadsdichters Box Office met de onzichtbare wanden, naast de portretten van Bart FM Droog en Ronald Ohlsen.

Uiteraard werd er ook wat poezie ten gehore gebracht, zowel door Sinkgraven zelf als door zijn opvolgster Anneke Claus, Andre

Degen, Edwin Lotz en Nina Swart. Erik Harteveld en Jim Rotteveel schitterden in afwezigheid: hun bijdragen (een gedicht en een column) werden vertolkt door resp. Anneke Claus en Liesbeth Annokee. Na afloop van het officile gebeuren ging het verder naar n der litterair georienteerde kroegen in de Kromme Elleboog.


Niet Piet Paaltjens
(Voor Graaf Sink)

R loopt door de stad met vederlichte tred.
Hij bloost als altijd, zijn tred is vederlicht.

Bijna alle dagen loopt R door de stad.
Bijna altijd is zijn tred vederlicht.

Dit komt van de verwondering.
De verwondering is groot bij R die bloost.
Verwondering tilt hem enkele nanometers van de grond.

Het is bij hem niet van: wat ligt der weer een troep op straat.
Het is van: kijk, een vertrapte bos bloemen.
Wat een dikke meeuw. Die eet de rotte vis van gister.
Zou ik ook doen als ik een dikke meeuw was.

Elk voorwerp heeft gedachten in de gedachten van R.
Diepe gedachten. Soms dwalen de gedachten af
vergeten de dingen Umstnde te zijn.

Die momenten bewaart hij in een doosje:
Breekbaar. Deze kant boven.


Anneke Claus 2009


* * *


SO LONG SINKI BOI - COLUMN VERAKRANT

- Jo jo Rense jongen, stond jij hier vroeger niet?
- Ja moi Anneke, dat klopt, hier stond ik. Nou ja ik, mijn column, om precies te zijn.
- Zo, zo. En toen, Rense jongen?
- Toen hield ik d'r mee op.
- Je hield ermee op?
- Dat heb je goed gezien Anneke, ik hield ermee op.
- Goed, dat zei je net ook al Rense jongen, maar wr hield je dan mee op?
- Met de column Anneke, wel even bij de les blijven hoor.
- Aha, met de column. Duidelijk. En waarom hield je op met de column, Rense jongen, vertel het ons maar eerlijk, wij hebben wel raardere verhalen gehoord.
- Kijk Anneke, da's simpel zat, ik had andere dingen te doen.
- Andere dingen, Rense jongen? Of bedoel je soms: ik had wel wat beters te doen!
- Nee Anneke wicht, dat zie je helemaal verkeerd. Spreek ik Chinees ofzo, staat er Iets Beters op mijn voorhoofd als ik Andere Dingen zeg. Als ik Andere Dingen zeg bedoel ik Andere Dingen, niet Betere Dingen maar gewoon Anders.
- Prima Rense jongen, mij allang best. Maar wat voor Andere Dingen dan? En Anders ten opzichte van wat? Als je Anders zegt, bedoel je dat het eerst Hetzelfde was.
- Precies mijn punt, Anneke. Eerst was het Hetzelfde. En nu niet meer, want nu is het Anders. Eerst was ik Stadsdichter en nu ben jij Stadsdichter. Dus nu doe ik Iets Anders en jij Hetzelfde.
- Ha! Da's een goeie Rense, da's echt een hele goeie. En vraagje nog: wat kopen we ervoor?
- Nou Anneke, dat hangt helemaal van jou af. Het is jouw column nu, dus ik zou zeggen, leef je uit, doe er wat leuks mee.
- Ho ho Rense, wacht es effe, begrijp ik nou goed dat ik voortaan deze hele column moet volschrijven? Helemaal? Vol? Helemaal vol?
- Ja Anneke, dat heb je goed gezien. En je bent al een aardig eind op weg ook zie ik, echt waar, het gaat prima, niet opgeven nu.
- Hee Rense, Rense! Niet weglopen Rense, wacht op mij, ik weet niet, je vergat nog, Rense, waar moet de column over gaan?
- Wel sakkerju Anneke, wat zullen we nou beleven! Maak die lasso los, en wel direct. Mij een beetje lopen rodeon hier, het moet niet gekker worden. Waar het over moet gaan, wil ze weten. Laat me nadenken. Over pozie natuurlijk, waar anders over!
- Wablief Rense, over pozie?
- Dat zeg ik wicht, over pozie.
- Je meent het h Rense jong, ik heb je niet verkeerd verstaan, je zei net echt dat het over pozie moet gaan.
- Anneke wicht, ik ben nog nooit van mijn leven zo serieus geweest.
- Dus zeg maar Rense, alsof een bouwvakker een huis bouwt dat over huizen gaat?
- Ik volg je niet helemaal, Anneke.
- Ach Rense jongen, pozie jongen, wees nou eerlijk, wat moet je d'r van zeggen. Een gedicht schrijven alla, maar iets ver een gedicht, hocus pocus, mijn kopje thee niet.
- Ook goed Anneke, dan schrijf je toch lekker over iets anders.
- Jamaar Rense, net zei je nog dat het over pozie moest gaan.
- Jamaar Anneke, jij vat alles ook zo verrekte letterlijk op.
- O. Dus letterlijk moet het over pozie gaan en figuurlijk niet, bedoel je dat?
- Weet je wat Anneke, laat maar. Zie je die lege plek? Daar stond ik vroeger. Nou jij nog.

VANAF VOLGENDE MAAND staat hier de column van Anneke Claus, Stadsdichter van Groningen sinds januari 2009 en tot en met december 2011. Niet over Pozie, maar waar wel over? Dat weet alleen Joost, en zelfs die niet. Rense Sinkgraven was Stadsdichter van 2007 tot 2009. Vandaag de dag werkt hij achter en voor de schermen van de OB Groningen. Wat bijna niemand weet, maar nu gelukkig bijna iedereen, is dat Rense in een vorig leven duivenmelker was. En schaker. En filosoof. Maar dat is een ander verhaal waar we hier nooit meer op zullen terugkomen.


   SLUITEN >>