05.11.2009

FEIT & FICTIE - Het door Jose Camilio Cela vervaardigde fictieve dodencel-dagboek van seriemoordenaar Pascual Duarte belandde in de jaren 1950 op de zwarte lijst van de Spaanse Kerk. Omgekeerd promoveerde Roberto Zucco, een Italiaan van vlees en bloed, tot hoofdpersonage van Bernard- Marie Koltes' wereldberoemde toneelstuk nadat de schrijver in de krant over zijn gruweldaden las.

* * *

GLORIOUS BASTARDS II: WAS OPGETEKEND

Omdat moordenaars die vrezen voor hun einde en dromen van een betere toekomst niet in het hokje van de eendimensionale slechterik passen, hebben de Robin Hoods van deze wereld zowel aartsvijanden als fans.

De media speelde een belangrijke rol in de mythevorming rondom Bonnie & Clyde, niet in de laatste plaats omdat ze zelf de aandacht van de pers zochten. Meer dan eens gijzelden ze een persfotograaf om zich te laten vereeuwigen, compleet met vluchtauto, wapentuig en slachtoffers. Ze staan er grijnzend bij, de geweren bij wijze van spreken nog rokend, sigaartje nonchalant in de mondhoek. Minstens zo provocatief zijn de gedichten die Parker naar de krant stuurde en waarvan The trail's end verreweg het befaamdst werd. In goed bekkend rijm en rappe, alledaagse taal vertelt ze er van hun lotgevallen. Op het eerste gezicht heeft de tekst wel wat van een dis avant la lettre: even de smeris een trap na geven met dat andere dodelijke wapen, het woord. Maar als je beter leest ontdek je een gekwelde jonge vrouw die weliswaar de lelijke wereld waarin ze leeft verantwoordelijk stelt voor haar eigen verdorvenheid, maar zich ook terdege beseft dat ze haar straf niet kan blijven ontlopen: They don't think they're too smart or desperate / they know that the law always wins / They've been shot at before / but they do not ignore / that death is the wages of sin.

Het 'they' in deze verzen plaatst Bonnie-met-het-geweer op gepaste afstand van Bonnie-met-de-pen, alsof ze niet een en dezelfde persoon zijn. Tegelijkertijd smeedt het een onlosmakelijk verbond tussen Parker en haar minnaar, die er als twee-eenheid uit naar voren komen. Samen uit, samen onder de grond. Uberromantisch, ben je geneigd te denken. Dat gaat wel over als je weet dat Bonnie Parker een paar jaar voor ze de krant haalde met bloedige schietpartijen nog gewoon serveerster was in een wegrestaurant. Geen hemelbestormende baan, alla, maar allicht beter dan The [dimly lighted road] die ze met Barrow bewandelde en die haar vroegtijdig aan haar eind bracht.

De poetische getuigenissen van Bonnie Parker zijn geen unicum. Er zijn legio voorbeelden van misdadigers met literaire ambities dan wel talent. Soms is onduidelijk is wat er eerder was, de pen of het mes. Gerrit Achterberg was al succesvol gedebuteerd toen hij zijn hospita neerschoot, maar griezelig genoeg is afscheid nemen van een overleden geliefde in zijn eerste dichtbundel Afvaart (1931) al het grootste thema. Alsof hij in zijn gedichten vooruitliep op de toekomstige moord.

Angstaanjagend en van grote poetische heftigheid is in dit verband ook het flinterdunne boekje De familie van Pascal Duarte (1942) van Nobelprijswinnaar Camilo Jose Cela. De schrijver presenteert het hele verhaal als de door een priester opgetekende laatste biecht van de ter dood veroordeelde moordenaar Pascal Duarte, die nadat hij als puberjongen eerst eigenhandig zijn ouders had vermoord op de vlucht sloeg en moord op moord pleegde. Pure fictie, maar o zo meeslepend. Duarte doet geen enkele poging zijn wandaden te rechtvaardigen. Hij omschrijft zichzelf als een blinde moordenaar, als iemand die in razernij een waas voor zijn ogen krijgt en ontwaakt met een lijk in zijn armen. Zijn woede is nietsontziend, democratisch haast. Vrouwen, dieren, kinderen, ze gaan er allemaal aan. Pascal Duarte weet dat hij gestraft moet worden, zoals Kill Bill's broer Budd die in zijn brikke trailer op Beatrice Kiddo's doodssteek zit te wachten: That woman deserves her revenge. And we deserve to die. Geen frisse jongens; beslist gestoord. Maar aan identificatie is moeilijk te ontkomen, aangezien je als lezer gevangen zit in het perspectief van de moordenaar. Gekidnapt. Stockholm.

Nog een aanrader in het genre: Roberto Zucco, van de Franse toneelschrijver Bernard-Marie Koltes. Sinds afgelopen 1991 dankzij Toneelgroep Amsterdam verkrijgbaar in Nederlandse vertaling op theaterboekwinkel.nl. Afgelopen zomer nog bracht het gezelschap twee bewerkingen van het klassiek geworden stuk op Oerol. Roberto Zucco is allesbehalve een fictief personage, zo leert enig google-werk. Staatsvijand nummer 1 van Frankrijk, Zwitserland en Italie in de jaren 1980. Tot tweemaal toe ontsnapt. En hoewel geestesziek verklaard ook in het bezit van een universitair diploma Politieke Wetenschappen, dat hij vanuit de gevangenis behaalde. Ook hij vermoordde zijn ouders toen hij koud vijftien jaar was, naar verluidt omdat ze hadden geweigerd hem de auto uit te lenen. Na zijn vijfentwintigste volgde een tweede golf moorden, gijzelingen en verkrachtingen.

Wat dreef Koltès om Zucco tot hoofdpersonage van een toneelstuk te maken? Heel eenvoudig: een portretfotootje van de voortvluchtige moordenaar in de krant, dat hem op de een of andere manier biologeerde. Een paar dagen later zag hij met miljoenen andere Europeanen televisiebeelden van Roberto Zucco, die in zijn onderbroek op het dak van de gevangenis balanceerde waar hij zojuist uit ontsnapt was. Een onwaarschijnlijke reis, een mythische persoonlijkheid, schreef Koltes; in zijn eigen waanvoorstelling is hij een 'held' als Simson of Goliath. In de laatste scène van het stuk laat de schrijver anonieme stemmen klinken: -Roberto Zucco is ontsnapt. -Alweer. -En wie bewaakte hem? -En wie ging er over hem? -We staan voor lul. -Jullie staan voor lul, ja. (Gelach) -Zucco, Zucco, zeg ons hoe je het 'm lapt om nog geen uur in de gevangenis te blijven? -Hoe lap je 'm dat? En dan de reactie van Zucco: -De hoogte in. Je moet niet door muren heen willen, want aan de andere kant van muren komen er nog meer muren, daar is alleen meer gevangenis. Je moet ontsnappen over daken, naar de zon toe. Er zal nooit een muur komen tussen de zon en de aarde.

Bonnie & Clyde, Roberto Zucco en Pascal Duarte vertegenwoordigen ze een universele droom. Vogelvrij te zijn, je glorieus te onttrekken aan de wetten en regels van een verstikkende maatschappij. Je over te geven aan een soort basale, dierlijke staat van zijn waarin je geen verantwoording hoeft af te leggen voor je daden. Spelen als een kind, razen als een orkaan: Ik heb geen vijanden en ik val niet aan. Ik verpletter andere dieren niet uit kwaadaardigheid, maar omdat ik ze niet gezien heb en per ongeluk mijn voet op ze neerzet (RZ). Toch zien de meeste mensen aan het eind van zo'n verhaal het liefst nog even het broodnodige herstel van orde en evenwicht. Wraak, omdat alles een prijs heeft. Zucco wist ook aan dat laatste hoofdstuk te ontsnappen. Hij speelde het klaar zichzelf in zijn cel te wurgen, nog voor zijn doodsvonnis getekend was.


VERAKRANT #20






   SLUITEN >>